Zes eenvoudige stappen om je baby correct aan te leggen

Je baby moet correct aangelegd worden om hem of haar voldoende melk te laten innemen, maar dat is soms gemakkelijker gezegd dan gedaan. Lees hier adviezen van experts om je baby correct en comfortabel aan te leggen

Good breastfeeding latch
Medela expert Sioned Hilton
Sioned Hilton, health visitor, neonatal nurse and lactation consultant:
Sioned is moeder van drie en ondersteunt al meer dan 30 jaar gezinnen met baby's en jonge kinderen. Naast haar werk met moeders die borstvoeding geven en afkolvende moeders, zowel thuis als in het ziekenhuis, draagt ze ook bij aan ouderschapsmagazines en conferenties, en geeft ze workshops voor professionele zorgverleners.

Borstvoeding mag dan de meest natuurlijke manier zijn om je baby te voeden, het kan even duren voordat jullie er beiden vertrouwd mee zijn. Begrijpen hoe correct aanleggen (ook aanhappen genoemd, vanuit het perspectief van de baby) eruit zou moeten zien en zou moeten voelen, kan enorm behulpzaam zijn om te leren geroutineerd borstvoeding te geven.

Het is een goed idee om zoveel mogelijk hulp in te roepen tijdens de eerste paar dagen en weken na de geboorte. Laat het aanleggen van je pasgeboren baby controleren, idealiter door een zorgprofessional die opgeleid is in het bieden van ondersteuning bij borstvoeding of door een gekwalificeerde lactatiekundige of borstvoedingsspecialist. Als je alles nu goed aanleert, voorkomt dat latere problemen.

Als je baby niet correct is aangelegd, is dat niet alleen frustrerend en verontrustend voor je baby, maar het kan je ook pijnlijke tepels bezorgen. Het kan ook betekenen dat je baby je borst niet goed kan leegmaken, wat leidt tot onvoldoende gewichtstoename, een vermindering van je melkproductie en een verhoogd risico van verstopte melkkanalen en mastitis.

Een deskundige zal tevens controleren of je baby een te korte tongriem heeft of andere aandoeningen die het aanleggen lastiger maken.

Sophie, moeder van één kind, uit het Verenigd Koninkrijk, zegt: "Mijn beste tip is om het aanleggen van je baby door een borstvoedingsdeskundige te laten controleren, voordat je het ziekenhuis verlaat. Ik wist pas na vijf dagen dat mijn baby niet goed aanhapte. Ze zoog alleen maar aan het puntje van mijn tepels, waardoor ze niet genoeg melk kreeg en ik pijn had."

Camilla, moeder van één kind, uit Australië, ondervond ook dat vragen om aanlegtips hielp: "Ik vroeg iedere vroedvrouw die ik tijdens de eerste twee dagen in het ziekenhuis zag om me manieren te laten zien om mijn baby aan te leggen", zegt ze. "De meesten hadden een net iets andere techniek of advies en zo kon ik uitvinden wat het beste was voor Frankie en mij."

Voor het geval je niet meteen met een zorgprofessional, lactatiekundige of borstvoedingsspecialist kunt spreken of je baby plotseling niet wil aanhappen, hebben we het aanlegproces in zes eenvoudige stappen onderverdeeld waarmee je weer op koers kunt komen.

Hoe help je je baby om de borst aan te happen?

1: Controleer je borstvoedingshouding

Controleer voordat je begint, en ongeacht welke borstvoedingshouding je kiest, of het hoofd, de nek en wervelkolom van je baby op één lijn liggen en niet gedraaid zijn. Zijn kin moet opgeheven zijn, niet laag op zijn borst. Maak het ook jezelf gemakkelijk; je kunt kussens gebruiken om je rug, armen of baby te ondersteunen.1

2: Moedig je baby aan om zijn mond te openen

Houd je baby dicht tegen je aan, met je tepel op gelijke hoogte met zijn neus. Raak zijn bovenlip voorzichtig aan met je tepel om hem aan te moedigen zijn mond wijd open te doen. Hoe wijder zijn mond open is, hoe makkelijker het is om hem goed aan te leggen.1

3: Haal je baby naar je borst toe    

Zodra je baby zijn mond wijd open heeft gedaan en zijn tong over zijn onderste tandvlees legt, haal je hem naar je borst toe, waarbij je je tepel naar zijn gehemelte richt. Je baby zou eerst met zijn kin je borst moeten raken. Hij moet een groot gedeelte van je tepelhof in zijn mond nemen, waarbij zijn onderlip en kaak meer van de onderkant van de tepelhof bedekken.1 Het is geen probleem als je ziet dat een deel van je tepelhof niet in zijn mond zit – onze tepelhoven zijn allemaal van verschillende groottes en onze baby's ook! Volgens sommige moeders helpt het om je borst voorzichtig met de hand te vormen, terwijl je de baby naar de borst toe haalt. Experimenteer en kijk wat werkt.  

4: Houd je baby dicht tegen je aan tijdens het aanleggen

Vergeet niet dat moeders allemaal verschillend gevormde borsten en verschillende tepelposities hebben, dus kan het gebeuren dat het aanleggen bij jou niet altijd 'volgens het boekje' verloopt. Houd de baby indien mogelijk steeds zo dicht mogelijk bij je, terwijl zijn kin je borst aanraakt. Pasgeboren baby's hebben een wipneus, zodat ze makkelijk kunnen ademen als ze aangelegd zijn, en ze leren het coördineren van zuigen en ademen met gemak aan.1,2

5: Kijk en luister

Terwijl je baby aan de borst drinkt, zit je tepel tegen zijn gehemelte aan en wordt je tepel aan de onderkant zachtjes omsloten door zijn tong. Het aanhappen mag niet onaangenaam aanvoelen, maar moet eerder als een soort trekken voelen. Kijk naar je baby – hij zal eerst korte, snelle zuigbewegingen maken om je melkstroom (toeschietreflex) op te wekken. Zodra de melk begint te stromen, zuigt hij langzamer en dieper met enkele pauzes, wat erop kan duiden dat hij melk inneemt – een goed teken! Tijdens de voeding moet je zijn kaken zien bewegen en je kunt ook zuig- en slikgeluiden horen. Dat zijn allemaal goede tekenen, maar het is ook belangrijk om te controleren of je baby voldoende natte en vieze luiers produceert en de verwachte gewichtstoename laat zien.2,3

6: Hoe haal je je baby weer van de borst af?

Als je baby oppervlakkig is aangelegd, het aanleggen pijn doet, hij op je tepel begint te kauwen of met zijn tong tegen het puntje van je tepel wrijft, haal je hem van de borst af en probeer je het opnieuw. Je kunt indien nodig het zuigen onderbreken door je schone vinger voorzichtig in de hoek van zijn mond te schuiven.

Tekenen van een correcte aanleghouding

Controleer elke keer wanneer je je baby borstvoeding geeft of:

  • zijn kin je borst aanraakt en hij door zijn neus kan ademen
  • zijn mond wijd open is en hij ook een deel van je tepelhof in zijn mond heeft (niet alleen je tepel)
  • het aanleggen geen pijn doet
  • hij begint met korte zuigbewegingen, voordat hij langzamer en dieper begint te zuigen2,3

Als je platte of ingetrokken tepels hebt, kan het zijn dat je baby het lastiger vindt om aan te happen. Lees ons artikel over verschillende typen tepels voor advies.

Onthoud dat als borstvoeding pijnlijk is, je baby na het voeden hongerig lijkt of onvoldoende gewichtstoename laat zien, een onjuiste aanleghouding de boosdoener zou kunnen zijn. Vraag dan zo snel mogelijk een lactatiekundige of borstvoedingsspecialist om advies.

Literatuur

1 Cadwell K. Latching‐on and suckling of the healthy term neonate: breastfeeding assessment. J Midwifery Womens Health. 2007;52(6):638-642.

2 Hoover K. Perinatal and intrapartum care. In: Wambach K, Riordan J, editors. Breastfeeding and human lactation. Burlington MA: Jones & Bartlett Learning; 2016. p.227-270.

3 UNICEF UK BFHI. Off to the best start [Internet]. 2015 [cited 2018 Feb].